zaterdag 28 februari 2009

morgen marathon

Zo langzamerhand begin ik zenuwachtig te worden voor de marathon. Deze week rustig aangedaan, nergens een pijntje, gunstige weersvooruitzichten, en waarschijnlijk het meeste sponsorgeld opgehaald. Dus het moet gaan lukken.

Mimi en Rob, m'n schoonouders, zijn veilig teruggekomen van een geweldig mooie safari. Veel dieren en prachtige landschappen gezien. Ze hebben zelfs gekampeerd, weliswaar in een grote tent met badkamer, maar toch, het blijft een tent. 's Morgens hoorden ze wat gesnuif en gebrom, liep er een familie olifanten voorbij. Vooral Mimi was moe bij thuiskomst, want ze hadden wel 1200 km gereden, grotendeels over hobbelige wegen.

In de tussentijd waren Anna en Gaspard met Anna's klas op fieldtrip in Magara, vlakbij Lake Manyara National Park. Het was fantastisch. De eerste nacht en ochtend wel heel veel regen, maar dat mocht de pret niet drukken. Het ontbijten in de regen was heel bijzonder, een bakje cornflakes waarbij regenwater melk overbodig maakte. Ze hebben 3 stammen bezocht en interviews afgenomen over hun leven. Verder gezwommen onder een waterval en een flinke wandeling gemaakt. Gaspard had onze Pajero meegenomen en die rammelde bij thuiskomst aan alle kanten, de wegen waren zo slecht. Ja, zei mister David, Anna's onderwijzer, achteraf: “meestal komen de auto's kapot terug, vandaar dat ik dit jaar míjn auto maar heb thuisgelaten”. Dus Solomon kon meteen aan de slag. Gisteren zijn Gaspard en z'n vader naar Marangu vertrokken, om vandaar uit naar de eerste hut op de Kilimanjaro te wandelen. Vanmorgen telefoon, de Pajero startte niet meer. Ter herinnering: op precies dezelfde plaats hebben we met de Suzuki een aantal uren stil gestaan door een steen. In ieder geval, Solomon kon weer aan de bak, met de Suzuki naar Marangu. Hij heeft de Pajero aan de praat gekregen en de mannen moeten nu thuis zien te komen met de Suzuki. En dan te bedenken dat we in het begin alleen een fiets hadden, en ons nu amper kunnen redden met 2 auto's. Om de beurt moeten ze naar de garage.

Anna's verjaardag kon ze gelukkig toch thuis vieren, omdat de fieldtrip 1 dag korter was dan gepland. Natuurlijk super dat haar bopa en boma erbij waren. 's Middags zijn we gaan zwemmen. Eindelijk hebben we al onze verjaardagen gehad, 5 in 3 maanden. En in plaats van winterverjaardagen, nu allemaal bij tropische temperaturen.

We realiseren ons hoe bijzonder het allemaal is: Gaspard die met Anna mee op schoolreisje kan, met zijn vader een stukje Kili kan beklimmen, en op een verjaardag niet tussen spreekkamer en taart heen en weer hoeft te rennen.

Maria had gisteren het feestje van Malaika. Haar moeder is Amerikaans en dat was wel te merken aan het thema van het feestje: een heuse Miss-verkiezing, met de jongens van de klas en de ouders als toeschouwers. Alle meiden in lange jurken, opgemaakt, op hakjes. Ze moesten hun hobbies vertellen en een raadsel voor de toeschouwers over hun streek van herkomst. Die streken waren plekken in Tanzania, en Maria was Miss Pangani. Er was gelukkig geen badpakken-onderdeel en uiteindelijk kregen ze een kroontje en waren ze allemaal winnares. Als Opzij-vrouw vond ik het natuurlijk maar zo-zo, maar ja je past aan.

Maandagavond vertrekken Mimi en Rob weer. Bijna hadden ze zondagavond al op het vliegveld gestaan, maar gelukkig toch even op het ticket gekeken. 

woensdag 18 februari 2009

schoonouders

Zaterdagavond bleven Skye en Nicoli slapen, een vriendinnetje en vriendje van Maria. Voor hun allebei hun eerste logeerpartij. De volgende dag waren ze natuurlijk vroeg wakker. We zeggen altijd: “niet met deuren spelen”. Maar op een onbewaakt ogenblik deden ze dat toch. We hoorden een enorm gekrijs. Nicoli voelde een weerstand, duwde even flink door en dacht dat Maria aan 't lachen was. Maar nee, ze zat met haar duim tussen de deur, aan de scharnierkant. Het was niet gebroken, wel een wondje en flink dik. Een pleister met een valentijnshart erop getekend hielp wat tegen de pijn. Dat was het begin van Gaspard's verjaardag.
We hadden besloten het in gezinsverband te vieren met een uitje naar de Kilemakyaro-lodge. We hebben lekker gezwommen en in de zon gelegen, en omdat we weten dat de keuken niet al te snel is, bestelden we om 16.00 het eten. Om 17.30 werd het geserveerd en het was het slechtste wat we tot nu toe hebben gegeten in Tanzania. Koude friet, kleine verbrande drumsticks, een hotdog met een broodje dat over was van het ontbijt, verdrinkend in chilisaus met een koud worstje, ook nog hele kleine porties, maar dat laatste was in dit geval niet erg. Gaspard vroeg de manager te spreken. Ja, ze hadden al 3 maanden problemen met deze kok... Uiteindelijk hoefden we de helft te betalen, maar daar gaat het natuurlijk niet om. De hangmat die we aan Gaspard hebben gegeven viel gelukkig wel in de smaak.

Gisteren leek het erop dat de regentijd is begonnen. Op maandagmiddag run ik de Funrunclub, beetje gezellig hardlopen met de kinderen uit de hoogste klassen van de basisschool. Doel is om ze voor te bereiden op de 5 km die tegelijk met de marathon wordt gelopen op 1 maart. We hadden het terrein nog niet verlaten of de regen kwam met bakken uit de hemel. Iedereen nat tot op z'n ondergoed, overal diepe plassen en modder. Op de motorkap van de Suzuki was een enorme tak terechtkomen, deuk. Toen ik thuis kwam, had ik het voor het eerst echt koud hier. Hete douche, warme sokken aan en even onder een fleecedeken. Een uur later scheen de zon, en hup het zweet breekt je weer uit.
Gisteravond zijn m'n schoonouders gearriveerd. Het leek wel Sinterklaas, zoveel handige en lekkere dingen kwamen er uit de koffer. Ik maakte een cracker met de meegebrachte jonge kaas, en het water liep me in de mond. Grappig dat zoiets normaals plotseling haute cuisine wordt, als je het maar lang genoeg niet eet.
Overigens loopt het goed met de sponsoring van het Scholarshipprogram, geweldig! Ik word er wel een beetje zenuwachtig van, nu moet ík nog goed gaan lopen. Ben de trainingskilometers flink aan het terugschroeven, want ik moet niet oververmoeid aan de start verschijnen. Tot nu toe ben ik de enige van het ISM-team die de hele marathon doet, de meesten doen de halve. Waarschijnlijk zijn zij al door ervaring wijs geworden. Ach, ik ga het gewoon halen, geen gezeur.
Gaspard is met zijn ouders Moshi al in geweest. Ze vonden het tamelijk indrukwekkend, op de foto's ziet het er toch wel iets geciviliseerder en minder druk uit dan in het echt. Hebben al hun eerste souvenirtje gescoord. 's Middags regende het weer, tja daar zijn ze toch niet voor uit Nederland gekomen... We zullen het maar optimale acclimatisatie noemen. Daarna een rondleiding op school, en even koffie gaan drinken bij een vriendin, van wie we een tros bananen uit eigen tuin meekregen. En of het programma van de eerste dag nog niet enerverend genoeg was: 's avonds kregen we de langste powercut tot nu toe. Pas vanmorgen hadden we weer stroom. En toen bleek het water ook nog op, en konden we niets uit de reserveput oppompen omdat er geen electriciteit was. Maar gelukkig vonden ze het niet erg, want het deed ze erg aan vroeger denken. Vrijdag tot dinsdag gaan m'n schoonouders op safari, met z'n tweetjes met chauffeur, naar Tarangire, Serengeti en de Ngorogorokrater.


dinsdag 10 februari 2009

Sponsors gezocht

Laatst vertelde ik dat Libe, het weesmeisje dat bij onze medewerkers woont, niet naar school kan omdat ze geen geboortecertificaat heeft. We hebben wat navraag gedaan en het bleek wel te kunnen. Solomon en ik zijn haar gaan inschrijven bij de directrice, een non. Volgens Solomon maakt het een groot verschil als er een blanke bij is, dan zou ze niet gaan verzanden in allerlei bureaucratisch geneuzel. Het is een enorme basisschool de “Kilimanjaro Primary School”, er zitten wel 1000 kinderen op, meisjes in blauwe rok en witte blouse, jongens in bruine broek met wit overhemd. We waren er vlak voor de school begon en veel kinderen liepen met een bezempje het terrein aan te vegen. We hadden als “smeergeld” 2 leren voetballen (geschenk van de familie Budé) meegenomen, en dat viel wel in de smaak bij Moeder Overste. Het eerste waar mijn oog op viel, toen we in het kantoortje zaten, was een bordje met een tekst in het Engels die er op neer kwam dat een goed pak slaag op z'n tijd geen kwaad kan om een kind discipline bij te brengen. De onderwijzers lopen allemaal rond met een lange dunne tak, waar desgewenst een zwiep mee wordt uitgedeeld. In de klassen zitten 50 tot 100 kinderen, met z'n drieën in een bankje, waar er eigenlijk maximaal 2 in kunnen. Toch was het een vrolijke boel en Libe kon meteen de volgende dag beginnen. Ondanks dat ze ongeveer 9 is, kan ze nog helemaal niet lezen en schrijven, dus ze begint bij de kleintjes. Na een aantal maanden kan ze dan naar haar eigen klas. Basisscholen in Tanzania zijn gratis. We hebben alleen een bijdrage voor de maispap voor tussen de middag betaald. WC-geld werd apart afgerekend, voor een heel jaar nog geen 2 euro. Eigenlijk nog vrij duur als je bedenkt dat het meestal maar een gat in de grond is. In eerste instantie wilde Libe niet gaan, omdat ze de niet geheel onterechte angst had dat ze geslagen zou worden. Maar toen Solomon haar had uitgelegd dat, als ze naar school zou gaan, ze later een goede baan zou kunnen vinden, misschien wel minister, toen wilde ze wel. Ze is nu 2 dagen geweest en ze vindt het heel leuk.

Het kopen van een schooluniform was een belevenis op zich. Violet, Isabelle, Anna, Libe, Linda en ik gingen de stad in. We kwamen op een soort markt terecht waar schooluniformen verkocht worden. We kregen meteen 6 kerels om ons heen, die ons van alles wilden aansmeren. Libe stond er als een verlegen schoolmeisje bij, die ongevraagd allerlei kleren en schoenen aangepast kreeg. Ondertussen vroegen ze veel te veel geld, alleen maar omdat ik als blanke zou gaan betalen. We hebben wel onderhandeld, maar uiteindelijk toch teveel betaald. De ene keer helpt het om een Bleekgezicht te zijn, de andere keer werkt het tegen je.

In het kader van “investeren in onderwijs helpt mensen en een land vooruit”, hebben we nog een succesje geboekt. Vrienden van mijn ouders, die onze weblog volgden, wilden graag met hun kerkgemeenschap een project ondersteunen. En omdat wij nu hier zitten, dachten ze dat wij misschien wel iets zouden weten. Dus ben ik gaan rondvragen en kwam in contact met een man die met een organisatie, Peace House Africa, o.a. individuele studenten ondersteunt, onder het motto: 'We'll help you to be a job creator, not a job seeker'. De organisatie betaalt de studiekosten voor een 22-jarige vrouw, Eusebia, die Accountacy studeert, maar een belangrijke geldschieter had zich helaas teruggetrokken. Het zag er naar uit dat ze de laatste 1,5 jaar van haar studie niet zou kunnen afmaken, want zij of haar moeder kunnen de kosten absoluut niet zelf opbrengen. Vlak voor kerst zijn Marie José en ik naar haar universiteit toe gegaan om ons er van te vergewissen of ze a) wel echt bestaat en b) of ze het waard is om in te investeren. We troffen een zeer gemotiveerde, getalenteerde meid aan, die precies weet wat ze wil, keihard studeert en goede resultaten behaalt. Groen licht voor Eusebia! Dus nu kan ze haar studie afmaken, dankzij de Protestantse Kerk van Zaandam.

Verder gaat het allemaal goed hier. Maria is vorige week 2 dagen op schoolreisje geweest naar Arusha. Volgens haar werd er midden in de nacht een DVD vertoond van de Incredibles, waardoor ze niet kon slapen. Isabelle is nu op fieldtrip naar Lake Manyara en Lake Eyasi, 3 nachten kamperen. Ze gaan een studie doen naar de veranderingen in de Rift Valley en hoe mensen daar wonen en werken. Maar ze zullen ook wel vooral met elkaar bezig zijn. Anna heeft veel last van ontstekingen, nu weer aan beide oogleden. Er is zo weinig aan te doen, echt zielig. Vandaag kreeg ze een leuke brief van haar klas van de St. Josephschool, was ze heel blij mee.

We hebben de terugreis geboekt, 8 juli komen we 's avonds aan in Frankfurt! Dan hebben we de tijd om de overgang naar scholen en praktijk glad te laten verlopen. Het voelde bijna net zo spannend als het boeken van de heenreis. Natuurlijk weten we nu wél waar we terechtkomen, maar hoe zal het zijn om hier weg te gaan en weer in het Nederlandse leven terecht te komen. Vooral Anna zal het heel moeilijk vinden om afscheid te nemen van de twee-jarige Linda. Zodra ze elkaar zien in de tuin, zijn ze met elkaar bezig en communiceren in een soort kinder-swahili.

Op 1 maart is de marathon, en ik ben er helemaal klaar voor. Afgelopen zaterdag heb ik getraind met Simon Mtuy, de man die in 9 uur de Kilimanjaro op- en af rent. We zijn de 10 kilometer lange heuvel opgegaan, die je na 20 km in het parcours aantreft. Zijn tempo lag natuurlijk te hoog voor mij, maar ik heb wel ruim 2 uur harder gelopen dan anders, dus al met al een goede training. Zijn streeftijd voor de marathon (42 km) is 2 uur 27 minuten, de mijne tussen de 4 en 4,5 uur. Maar eigenlijk streef ik gewoon naar de finish. En passant vertelde hij dat-ie na de marathon nog een 50 en een 100 mijl (160 km) in Amerika gaat lopen. Zucht.

Maar goed, de reden waarom ik terug kom op de marathon is dat ik sponsors zoek. We hebben met de Internationale School (ISM) een team gevormd dat geld gaat inzamelen voor het Scholarship Fund. Dat is hetzelfde doel als waarvoor we in november brood hebben gebakken. Het gaat om het betalen van het schoolgeld voor de laatste 2 jaar van de middelbare school op ISM voor zeer getalenteerde en gemotiveerde Tanzaniaanse studenten, die dat zelf niet kunnen financieren. Met een ISM-diploma op zak hebben ze een veel grotere kans op een universitaire opleiding. Bij hun sollicitatie voor het Scholarship Fund moeten ze aantonen dat ze maatschappelijk betrokken zijn. Het hogere doel is dat deze mensen een belangrijke rol gaan spelen in het maatschappelijk leven van Tanzania. Ja, weer dat investeren in onderwijs!

Dus wie mij (maar eigenlijk de getalenteerde Tanzaniaanse studenten) wil sponsoren, maakt niet uit welk bedrag, liefst voor 1 maart:

rekeningnummer 5312117 tnv A. Kruit, Valkenburg. Onder vermelding van Sponsor ISM Scholarship Fund. Ik zorg dat het goed terecht komt. Bedankt alvast, en natuurlijk komen alle resultaten op de blog.


dinsdag 3 februari 2009

ongelukkig

De afgelopen weken zijn er aardig wat ongelukken gebeurd. Op de beruchte weg tussen Moshi en Arusha 3 ongevallen met bijna 60 doden. De oorzaak is meestal idioot rijgedrag, maar ja wat wil je, van de 600.000 bestuurders in Tanzania hebben 10.000 op de officiële manier hun rijbewijs gehaald.
In de kwekerij van onze Nederlandse vrienden is een man van het dak gevallen, gelukkig “alleen” zijn elleboog gebroken. Alle doktersrekeningen worden door de werkgever vergoed, wat doet die oen: maakt op de rekeningen voor de wondcontroles van 1500 shilling 6500 shilling (dus van 80 cent 4 euro....). Gevolg: ontslag.
Paar weken later, zelfde plaats: man op dak laat baco naar beneden vallen, op iemands hoofd, half uur bewusteloos. Maar waarschijnlijk geen gevolgen verder.
Laatst waren Anna en Gaspard getuige van een brommerongeluk in de stad. Het been van de man lag compleet verdraaid onder de brommer. Gaspard liep er heen want het zag eruit als een vreselijke fractuur. De man begint wat aan zijn been te prutsen en draait het onderbeen eraf. Het was een kunstbeen.
Vorige week: Isabelle, een Canadees meisje uit Anna's klas, maakt een rare beweging met voetbal. Enkel gebroken, inmiddels geopereerd, 2 schroeven erin.
Dag later: Didier en Martin, jongens uit Anna's klas, botsen tegen elkaar. Didier slaat met zijn voortanden in Martin's voorhoofd. Enorm bloedbad, Didier's ene voortand afgebroken en de andere half naar binnen gedrukt. Hij is inmiddels met zijn moeder in Zuid-Afrika naar de tandarts, want ze hebben geen vertrouwen in de tandartsen hier.
De omgeving waar Anna eind februari op fieldtrip gaat is nogal afgelegen en rotsachtig, dus nu heeft de leraar Gaspard meegevraagd vanwege zijn medische achtergrond.

Afgelopen zaterdag hebben we Maria's feestje gehad. We hadden alle kinderen van de klas uitgenodigd. Want het is een schoolregel dat je óf alle kinderen uitnodigt, óf je mag de uitnodigingen niet op school uitdelen. Dus er waren in totaal zo'n 20 kinderen, waarvan een derde ongeveer 1,5 uur te laat kwam, midden in mijn zorgvuldig opgebouwde spellencircuit, grmmpff. De meeste lol hadden ze echter met de kussens van de bank en de stoelen: hutten bouwen, troon maken, als slee gebruiken om de woonkamer door te zeilen. Qua kleur en stevigheid zijn ze behoorlijk kind-bestendig, dus we lieten het maar gebeuren. Gaspard had weer een piñata gemaakt, dit keer een hart van kippengaas, kranten en crêpe-papier. Hij was er een beetje laat aan begonnen en de zon liet het wat afweten, dus hij was maar net op tijd af. Gaspard heeft Anna gesmeekt of zij op haar feestje af wil zien van een piñata, maar helaas. Het is erg leuk dat de kinderen dit jaar eindelijk een keer hun verjaardagsfeestje in de zomer hebben.

Vorige week heeft het een paar keer flink geregend, dus gelukkig hebben we weer voldoende water. Stroom en internet blijven erg wiebelig.
Af en toe hebben de meiden en ik een heimwee-stroomstootje (hoe was het Carnagala???), maar over het algemeen hebben we het zeer naar onze zin. Gaspard mist NL nog het minst. We zijn ons aan het beraden wat we nog graag willen doen en zien, en wanneer we de terugreis gaan aanvaarden. Het zal ergens in juli worden. De marathon ligt nog in het verschiet, ik zou graag de Kilimanjaro beklimmen en we willen Dar es Salaam en omgeving gaan verkennen. Verder krijgen we in ieder geval nog bezoek van onze ouders en van vriendin Jacqueline met gezin. Afgezien van het zelf missen, word ik soms een beetje verdrietig van het feit dat mensen ons missen. Wij maken allerlei nieuwe dingen mee, maar voor de thuisblijvers is zo'n jaar best lang. Vooral voor de mensen en kinderen die nauw verbonden zijn met het dagelijkse leventje in Valkenburg. Maar voor je het weet is alles weer normaal, zitten we bij de AGA of de open haard, staan we op schoolplein en hockeyveld, en rent Gaspard het gebouw weer rond. Ik moet me trouwens nog goed gaan bezinnen op mijn eigen toekomst qua werk. Alle adviezen en aanbiedingen zijn welkom. (Aline, dit is echt iets voor jou!!!)


vrijdag 23 januari 2009

post

In de wijk waar we wonen, Shanty-town, hebben alleen de grotere straten een naam. Onze straat is naamloos, dus we beschrijven de route altijd als volgt: sla vanaf Lema Road het weggetje in van de Panda-Chinees, 1e links, 2e rechts, 3e hek (wit met bladeren erin gevlochten). Geen huisnummers, geen postcodes, onze enige huiscodering is Plot (stukje grond) 20. Er is dus ook geen postbezorging. Rekeningen voor electriciteit en water worden huis-aan-huis gebracht, en verder hebben de rijkeren een postbus in de stad. We hebben geen brievenbus en krijgen nooit folders of gratis kranten. Er hoeft dus ook geen oud papier te worden opgehaald, want wat er is, gaat gewoon in de hens.

Bij het postkantoor in de stad zijn allemaal genummerde, groene brievenbusjes. Er past niet veel in, dus regelmatig ligt er een briefje in dat we een grote envelop of pakje bij de balie kunnen ophalen. En dan begint het:

  • we krijgen het gewoon mee, alles nog netjes dicht, of

  • we krijgen het mee, maar ze hebben er in gekeken, of

  • we moeten eerst “belasting” betalen (smeergeld, tot nu toe geweigerd, toch meegekregen), of

  • pakje blijkt er allang te liggen, ze hebben vergeten het briefje in de postbus te leggen, of

  • combinatie

Voorbeeld: afgelopen week konden we een pakje ophalen van Miriam en Rieke, o.a. een Sinterklaasboek. Gepost op 26 november, aangekomen in Moshi op 2 december, 20 januari briefje in de postbus.

Dus hebben we ons voorgenomen om af en toe maar langs de balie te gaan om te vragen of er nog pakjes voor ons liggen. Mocht iemand wat willen sturen uit Nederland: meld dat er iets aan komt en wij laten weten of we het ontvangen hebben.

(Knops / Kruit, P.O. Box 8475, Moshi, Tanzania)

We zijn altijd erg blij met pakjes uit Nederland, maar schrikken wel van de verzendkosten. Soms zit er wel bijna 20 euro aan porto op. Een vriendin van ons, A.W. uit S. weet hier wel raad mee. Van haar hebben we doosjes drop en sinterklaaslekkers ontvangen, met maar 5 euro aan postzegels. We waren natuurlijk erg benieuwd naar haar geheim. Haar tips:

  • Zet met koeie-letters het adres erop, liefst geprint

  • Géén afzender vermelden

  • Maak het pakje niet te groot, en zorg dat je het zelf in een brievenbus of postzak gooit, dus niet via een medewerker van het postkantoor.

Dit moet je alleen doen met spullen waarvan het niet erg is als het misgaat. A. stuurt al jaren op deze manier doosjes de wereld rond en het is tot nu toe goed gegaan. Blijkbaar wordt het nergens echt gecheckt. Maar als je het terecht vindt dat het zoveel kost, per slot van rekening gaat zo'n pakje wel de halve aardbol over, ja, dan moet je gewoon eerlijk zijn...

Anna was deze week erg verdrietig. Haar vriendinnetje Tyra, die een paar keer bij ons gelogeerd heeft en ook op de foto in de krant staat, gaat van school af. Ze kan niet wennen aan het intern zitten. Vandaar dat haar ouders besloten hebben om van een klein dorpje aan de Tanzaniaanse kust naar Dar es Salaam te verhuizen en haar daar op een dagschool te doen. Het was vooral moeilijk omdat het voor Anna nogal abrupt kwam en we niet goed afscheid hebben kunnen nemen. Toen kreeg Anna ook nog te horen dat ze op haar verjaardag op 26 februari, net als Gaspard's ouders hier zijn, 4 dagen op Fieldtrip gaat ergens in de bush, in de buurt van Lake Manyara. We hebben het maar verzacht met te zeggen dat ze waarschijnlijk nooit meer zo'n aparte verjaardag meemaakt, tussen de apen en de olifanten.

Over apen gesproken. Ik ging vanmorgen hardlopen op de sportvelden bij de school, werd ik achterna gerend door 2 baviaantjes. Ik had geen idee of ze wilden spelen, of me in m'n kuiten wilden bijten dus heb maar wat gesist en het op een lopen gezet. Dat zal je in Sibbe toch niet snel gebeuren.

Het heeft nog steeds niet echt geregend en de droogte beïnvloedt nu ook de stroomvoorziening. Bijna dagelijks valt de stroom voor enkele uren uit. Dus deze week was het voor de meiden weer huiswerk maken met een mijnwerkerslamp op hun kop. We laveren tussen ergernis en gelatenheid, roepen de ene keer PowerCut en de andere keer CutPower.

Gaspard wordt behoorlijk opgeslokt door het diabetes-project van het KCMC. Klopt het dus toch, wat er in de krant stond over het harde werken. Maar hij weet gelukkig nog tijd te vinden voor het zwemmen, hij zit inmiddels op 62 baantjes in het 25-meterbad van het zwembad. Dat wordt binnenkort nieuwe overhemden kopen op de tweedehandsmarkt.


vrijdag 16 januari 2009

Verbazing

Stonden we zomaar plotseling in de krant! 's Avonds beantwoordde Gaspard een paar vragen per mail, en de volgende dag stond het er al in. Zo'n hoog tempo zijn we niet meer gewend. Maria en Isabelle vonden het wel jammer dat niet zij, maar het vriendinnetje van Anna op de foto stond. En dat harde werken valt wel mee, als je het vergelijkt met de druk die er in Nederland altijd was. Al met al een leuk artikel, vonden we.

Over 6 weken, op 1 maart, is de Kilimanjaro-marathon. Gordana, degene die me overgehaald heeft om de marathon te lopen, heeft besloten om toch maar de halve te gaan doen, omdat ze te weinig heeft getraind. Ik baal er wel een beetje van, want nu ken ik verder niemand die de hele gaat doen. Toch ben ik vastbesloten, het is “now or never”. Ik zit aardig op schema, voor zover aanwezig. 2 uur lopen gaat nu fluitend, dat moet naar 3, en de laatste 1,5 uur moet maar op doorzettingsvermogen en aanmoedigingen. Van Chris en Marcel heb ik een strak looptenue en gel-energiesachets gekregen, en mijn schoonouders komen nog nieuwe loopschoenen brengen. Dus het moet lukken. De marathon begint om 6.30 en vanaf 8.30 wordt het echt warm. Het stuk tussen 20 en 30 kilometer gaat omhoog, en daarna hetzelfde stuk weer naar beneden. Menig ervaren marathonloper zal nu wel zitten fronsen over zoveel naïviteit, maar ach, dit is Afrika. Ik kan altijd gaan wandelen.

Nu over een aantal verbazingen.

Een tijdje geleden schreef ik een stukje over Libe, het weesmeisje dat bij onze medewerkers Solomon en Violet woont, achter in onze tuin. Ze zou eigenlijk naar school gaan, maar wat blijkt nu, ze kan niet worden ingeschreven want ze heeft geen geboortecertificaat. We wisten al dat S en V de datum van haar verjaardag niet kenden, maar nu blijkt ze dus eigenlijk niet te bestaan. Ook in haar geboorteplaats is ze niet geregistreerd. Onze oplossing: we kopen een certificaat. Tenslotte valt hier alles wel te regelen, als je maar betaalt. Maar volgens Solomon kan dat niet. Dit is nu zo'n voorbeeld van geconfronteerd worden met een probleem, waar ik van tevoren nooit bij stil heb gestaan. En Libe zal de enige niet zijn. In feite is het niet-geregistreerd zijn een enkeltje armoede.

Nog zoiets: afvalverwerking. Je ziet hier nooit een vuilniswagen zoals wij die kennen. Er wordt veel in tuinen en langs de weg verbrand. Maar wat gebeurt er met plastic en blik, en andere moeilijker afbreekbare materialen? Violet neemt gewoon altijd ons zakje afval mee en verder verdrong ik de vraag waar het eigenlijk bleef. Tot Gaspard me op een ochtend meenam naar het stuk tuin achter hun huisje. Een soort vuilnisbelt. Verspreid lagen plastic waterflessen, lege vruchtensapverpakkingen, blikjes, noem maar op. Grotendeels van ons. Toevallig liep ik net yoghurt te lepelen uit een plastic verpakking. Toen het leeg was, zei Gaspard: “zo, gooi het er maar bij”. Maar ik kón het niet, zomaar iets op die afvalberg smijten. Nee, liever gooi ik het in het zakje in de keuken en wil niet weten waar het blijft. Behoorlijk confronterend. Daarna heb ik me er natuurlijk wel in verdiept waar het naartoe moet. Verspreid in de stad staan grote containers waar je restafval naartoe kunt brengen. Die containers schijnen naar een vuilnisbelt ergens buiten de stad gebracht te worden. Samen met Solomon hebben we met de pick-up van Christine een flink aantal zakken weggebracht. Enorme rotzooi en stank rond die containers natuurlijk. Het schijnt dat er mensen zijn die alle plastic waterflessen eruit vissen voor een klein bedrag aan statiegeld. Maar wat me ook verbaast is dat Solomon dit gewoon liet gebeuren, ik zou het volstrekt onacceptabel vinden om met andermans afval te leven. Overigens hebben we hier wel stukken minder restafval dan in Nederland, omdat er maar weinig is voorverpakt.

Nooit gedacht dat ik op een flinke regenbui zou gaan hopen. De kleine regentijd in november heeft niets om het lijf gehad. Dit heeft consequenties voor de waterbevoorrading vanuit de stad naar de huizen. Gisteren zaten we dus plotseling zonder water. Gelukkig konden we vanuit een ander kraantje nog wat voorraad aanleggen. Vandaag zijn we begonnen met water oppompen uit een ondergrondse voorraad in de tuin, ongeschikt voor consumptie, maar wat we wel kunnen gebruiken voor de toiletten, afwas, douche en wasmachine.

Gaspard kwam er net achter dat als we de warmwater-boiler uitzetten, we minder snel van internet gegooid worden, dat scheelt namelijk 15 volt. Op de stopcontacten staat meestal geen 220 volt, maar meestal variërend tussen 100 en 190.

Ja, als je tijdje hier woont ga je de vanzelfsprekende aanvoer van electriciteit en water wel weer waarderen.

Vandaar dat Gaspard ook al veel energie heeft besteed aan het aanleggen van een zonneboiler op het dak. Want er is geen gebrek aan zon! Met een paar fundi's heeft hij een bak aangelegd waar 400 liter water in kan worden opgewarmd. Om het 's nachts niet teveel te laten afkoelen, moeten er kanaalplaten op worden gemonteerd. En omdat die hier niet te krijgen zijn, moesten ze uit Nederland komen. Dat had nogal wat voeten in aarde, want Gaspard had het vrij laat aan Marie-José doorgegeven. In de hectiek van hun vertrek moest zij dus ook nog 'ns 5 bouwmarkten aflopen, tot overmaat van ramp zonder resultaat. Dus MJ heeft het weer aan Chris overgedragen, die ze uiteindelijk heeft meegenomen. Het was een grappig gezicht toen ze aankwamen vanaf het vliegveld, in de Suzuki: Chris en de kinderen op de achterbank met hun hoofden onder een paar plastic platen. Het voelt goed om een natuurlijke bron van energie te gebruiken. De solar-oven, made by Gaspard, bestaande uit een constructie van karton en aluminiumfolie gaan we ook binnenkort gebruiken. Een soort AGA, je zet er 's morgens een pannetje rijst in en 's middags is het klaar.

Yes! Er vallen wat druppeltjes uit de lucht!





zondag 11 januari 2009

Peponi

Voor het eerst sinds 3 weken zijn we weer met z'n vijven. De vrouwen hebben het een beetje moeilijk. Vrijdagavond afscheid genomen van Chris en Marcel en de kinderen, en jaloers op het mooie winterweer in Nederland. In gedachten zie ik een strakblauwe hemel boven Noordhollandse weilanden en grijsglanzend bevroren sloten, en hoor ik het gekras van schaatsen op het ijs. Dit heimwee-gevoel had ik al een beetje sinds ik in Limburg woon wanneer het kwik onder 0 daalde, maar nu is het natuurlijk een graadje sterker. In Tanzania zijn we beland in de heetste tijd van het jaar. De meeste dagen is het boven de 30 graden en bij het minste geringste breekt het zweet je uit. In ruil voor kofferruimte voor de souvenirs, hebben we handdoeken en lakens gekregen van onze gasten. Want daar hadden we echt een tekort aan met die warmte.
Vandaag zijn we teruggekomen van de kust, gelogeerd bij Peponi, met voor beide gezinnen 4 nachtjes een “familybanda”. Het complex ligt pal aan het strand, er is een heerlijk zwembad en een restaurantje waar je versgevangen vis kunt eten. De auto's zijn het terrein niet af geweest. We hebben gewandeld, gezwommen, gelezen, gegeten, spelletjes gedaan, schelpen gezocht, kortom zeer relaxed allemaal. Marcel, Ipo, Seb, Anna en Gaspard zijn nog een ochtend gaan vissen met een dhow, een vissersbootje, niks gevangen maar wel bijna...
Het hele uitje was bijna in het water gevallen. Solomon had de dag voor vertrek 14 uur aan de Mitsubishi Pajero gewerkt om 'm rijklaar te maken. We waren Moshi nog niet uit of Gaspard ontdekte dat-ie olie lekte. Dus we moesten terug naar huis. Terwijl Solomon de auto nakeek, ging zijn telefoon. Het was Jean, zijn zus, die vlak in de buurt was. Van Jean hebben we in het begin van ons verblijf hier de Toyota Hilux mogen lenen. Binnen een minuut stond ze op het erf, Solomon vroeg haar of we van auto konden ruilen, en ze zei ja! Dus even later konden we met onze Suzuki en Jean's Hilux toch op pad. We hadden een overnachting geregeld in een hotelletje in de Usambara-mountains, halverwege de weg naar de kust. We zouden 's middags een wandeling gaan maken met een gids. Dat liep helemaal in de soep, want we vertrokken al veel later dan de bedoeling was, en toen kreeg de Hilux onderweg ook nog een lekke band. Na veel gepruts met een te kleine krik in de brandende zon, konden we weer verder, maar we kwamen pas eind van de middag aan in de bergen. De kinderen natuurlijk blij dat de wandeling niet doorging.
Op Peponi hadden we donderdagochtend nog een wildwest-ervaring. Marcel en ik hadden een stuk hardgelopen en toen we terugkwamen zat iedereen in z'n banda. Het bleek dat Denys, de eigenaar van Peponi, in z'n auto onderweg naar Tanga was beschoten, vlakbij waar Marcel en ik waren gekeerd om terug te gaan naar Peponi. Behalve de schutter, lagen er 4 handlangers in de berm klaar om te assisteren bij de overval. Denys, de 70 gepasseerd en sinds 1946 in Afrika, gaf echter een flinke dot gas, reed de schutter aan en scheurde weg. Hij belde meteen naar Peponi, waar flinke stress ontstond bij het personeel en iedereen naar de banda werd gestuurd. De politie zei later dat hij de schutter beter meteen dood had kunnen rijden. De theorie is dat iemand van de medewerkers de dievenbende heeft ingeseind op het moment dat Denys van Peponi vertrok. Waarschijnlijk dachten ze dat hij veel geld naar de bank ging brengen, omdat alles volgeboekt was geweest in de kerstvakantie.
Onze terugreis op vrijdagmorgen ging probleemloos. Aangekomen in Shantytown bleek dat het verhaal over de overval Moshi reeds bereikt had, maar dan in een wat ergere versie: er waren 3 overvallers met mitrailleurs op Peponi zelf geweest, en het werd iedereen afgeraden om er naartoe te gaan...
Solomon heeft 's avonds Chris en Marcel naar het vliegveld gebracht met, eindelijk, de Pajero. Het was onze bedoeling geweest om deze 3 weken met de gasten de beschikking te hebben over 2 auto's, maar dat is dus op z'n Afrikaans om allerlei redenen mislukt. Nou ja, uiteindelijk zijn we met af en toe een taxi en de Suzuki toch overal gekomen. Het record staat op 9 personen in de Suzuki, net een Dalla-dalla.
Het waren 3 heerlijke weken, vertrouwd en gezellig, en heel leuk om onze vrienden een inkijkje te geven in ons leven hier. Aanstaande woensdag is, na 3½ week, de kerstvakantie afgelopen en begint het drukke leven weer, ahum.

zaterdag 3 januari 2009

Safari

Terwijl in Nederland de mensen op de schaats stonden, zaten wij met 6 volwassenen en 8 kinderen bij ruim 30 graden in 2 Toyota Landcruiser Safari's. Het bijzondere aan een safari-auto is dat er opening gemaakt kan worden in het dak, zodat je kunt gaan staan om dieren te zien.

We zijn de afgelopen dagen in 3 nationale parken geweest in Noord-Tanzania. Het gebied is heel dun bevolkt en er wonen vooral Masai, in zogenaamde boma's, een kring van hutjes binnen een omheining van een rieten muurtje. De eerste 2 nachten sliepen we in een tentenkamp, in 3 grote safaritenten met zelfs een badkamertje, net buiten Tarangire National Park. 's Nachts kon je de hyena's horen. Overdag deden we game-drives zoals dat heet, dieren spotten met de auto. We zagen olifanten, giraffes, zebra's, impala's, en nog veel meer dieren, te veel om op te noemen. Tarangire is vooral een savannelandschap, in tegenstelling tot Lake Manyara National Park, waar we op dag 3 doorheen zijn gegaan. Lake Manyara heeft veel meer tropisch regenwoud en water, dus daar zagen we vooral apen, vogels en nijlpaarden. Een paar apen vonden ons er wat verhit uitzien en trakteerden ons vanuit een boom op een urine-douche, heel attent.

De derde en vierde nacht logeerden we in de Bougainvillea-Lodge, in 7 kamers rondom een zwembad. Dat zwemmen was natuurlijk geweldig, na een dag zweten in een stoffige auto.

Op de vierde dag zijn we de Ngorongoro-krater ingereden. Een heel bijzonder landschap, een vlakte omringd door een bergrand, vol met dieren o.a. gnoe's, zebra's, buffels, wilde zwijnen, antilopen. Dorien en Isabelle hebben daar een kleine aanvaring gehad met een buffel. Ze gingen plassen in de bosjes, en hoorden plotseling een luide brul en hoefgetrappel. Snel broek omhoog en rennen! Hij liep even achter Isabelle aan en maakte toen gelukkig rechtsomkeert. De meiden waren compleet overstuur. Maar na verloop van tijd werd het natuurlijk een goed verhaal. Eigenlijk hadden de gidsen even een check moeten doen voordat iedereen ging plassen. Gaspard heeft nog voorzichtig wat feedback gegeven, maar dat werd niet echt op prijs gesteld.

Een absoluut hoogtepunt was het aanschouwen van een troep leeuwen met kleintjes. In eerste instantie op zo'n 50 meter, maar later gingen ze op pad om een prooi te vinden. Enkele leeuwinnen kwamen vlak bij de auto. We hebben nog een tijd gewacht of ze echt tot de aanval over zouden gaan, maar dat duurde te lang. Misschien was dat ook wel een beetje te heftig geweest voor ons stadsmensen.

Het is opvallend hoe weinig de dieren zich aantrekken van de safari-auto's. Vooral in de krater was het op sommige plekken behoorlijk druk. Bij zo'n leeuwenplek staan dan toch al gauw 10 auto's. Maar het lijkt alsof ze de auto's zien als een andere diersoort, waar ze zich verder niet door bedreigd voelen. Behalve in Tarangire, daar rende een boze moeder-olifant een stukje achter 1 van onze auto's aan.

Oudejaarsavond vierden we in de lodge. Heel stom, maar we hadden het vuurwerk in Moshi laten liggen. Er werd aangekondigd dat er een groep traditionele dansers zou komen optreden. Dus we dachten dat dat wel zo'n domme toeristenattractie zou worden met schaarsgeklede brullende krijgers, maar dat viel erg mee. Eigenlijk waren het gewoon zo'n 20 dorpelingen die kwamen trommelen en dansen. Wie mee wilde doen, deed mee, zonder enige dwang. Ook het hotel-personeel rende af en toe de dansgroep in om even mee te dansen. Zo ook de nachtwaker, op rubberlaarzen en met zaklantaarn. Tussendoor hebben we met wat collega-toeristen uit Frankrijk en Amerika liedjes gezongen, zoals Vader Jacob in canon. Tegen twaalven riepen we tegen de hotelchef dat we moesten gaan aftellen. Maar dat vond ie niks, hij zei dat we gewoon door zouden dansen en dan merkten we vanzelf wel wanneer het 12 uur zou worden. Dus om ongeveer 10 over 12 begonnen sommigen elkaar toch maar 's voorzichtig Happy New Year (heri ya mwaka mpya!) te wensen. Er was geen enkele knal of pijl in de verre omtrek te bekennen.

Om 1 uur hebben we op de hotelkamer nog even 2 flessen champagne van Schiphol soldaat gemaakt. Al met al een bijzondere en warme jaarwisseling.

De volgende dag reden we terug naar Moshi. Eén van de auto's kon door een probleempje nog maar gemiddeld 30 km per uur, dus we deden er de hele dag over. De kinderen hebben zich overigens prima gedragen, want het was af en toe niet makkelijk om zolang en zo vaak in de auto te zitten.

Onderweg maakten we nog een stop in Arusha, waar we een andere auto hebben opgehaald, een Mitsubishi Pajero. De Suzuki is toch wat te beperkt voor deze omgeving. De toestanden met de autoverkoper en de bank verdienen een eigen verhaal, want het ging allemaal niet erg soepel, maar dat wordt te langdradig.

Ondertussen zijn we alweer zo ver in de tijd dat MJ, Luuk en de kinderen vanavond de terugreis gaan aanvaarden, 10.000 kilometer naar het noorden met een temperatuursverschil van 35 graden. We hebben een heerlijke tijd gehad met z'n allen. Maria is ondertussen 6 jaar geworden en had het geluk om veel visite uit Nederland te krijgen. In Tarangire was het personeel zo lief om een verjaardagstaart voor haar te maken.

De foto's van de safari zullen we binnenkort op de weblog plaatsen. We hebben er in totaal zo'n duizend waar we uit kunnen kiezen, want zelfs kinderen maken tegenwoordig digitale foto's. Veel van hetzelfde natuurlijk, want iedereen wil alles er op hebben. Onze batterij was halverwege leeg en we hadden de oplader vergeten. Eigenlijk gaf dat wel rust, gewoon lekker kijken zonder te bedenken hoe je iets zo goed mogelijk op de foto krijgt.

Morgen vertrekken we met Chris, Marcel, Ipo en Seb naar de bergen en de kust, want zij hebben nog een weekje Tanzania voor de boeg.

Voor iedereen die dit leest een Gelukkig 2009 en ik kan het niet laten om te zeggen dat ik erg blij ben dat ik niet naar allerlei nieuwjaarsrecepties hoef, waar je niet weet wie je nu wel en niet moet zoenen.


zaterdag 27 december 2008

Bericht van Luuk

Hamjambo allemaal!

Gisteravond tijdens het kerstdiner heeft Aline mij de toezegging weten te ontlokken om een kort verslag van de afgelopen week te maken voor de weblog. Wij waren in de zomer van 2007 bijna de eersten die hoorden van het idee om er ooit een jaartje tussenuit te knijpen. Zeer vererend, maar meteen ook de verplichting op ons genomen om langs te komen (toen nog geen idee waar ...), aldus steun betuigend aan dit prachtige plan.

Iedereen is vandaag alweer halverwege; wij op de helft van een heerlijke vakantie, de Knopsjes van een heel bijzonder jaar. Voor ons erg plezierig om aan te haken bij een gezelschap dat er al zoveel huiswerk op heeft zitten en heel erg leuk om te zien hoe het onze expats hier vergaat.

De familie is hier overduidelijk ingeburgerd. Engels en Swahili worden vlot toegepast, dit geldt ook voor de kinderen. Elke andere blanke wordt begroet als een oude vriend. De meesten zijn bekenden van school of van het hardloop-netwerk van Aline. Gaspard rijdt in de 4WD Suzuki als een ware neokoloniaal. Op de markt koopt hij exotische groenten voor een prijs waar een lokalo zich niet voor hoeft te schamen. Het behoeft geen betoog dat uit de keuken de hele dag de heerlijkste geuren komen drijven. Buiten de keuken wordt het meeste werk verricht door de tuinman/chauffeur en zijn echtgenote, die op het terrein wonen en al aan komen rennen als je met de auto voor de poort staat. Personeel is hier sowieso geen probleem: waar nodig worden dus extra mensen en auto's ingezet om het de groep zoveel mogelijk naar de zin te maken.

En we hebben het naar onze zin. De kinderen vinden zichzelf elke dag terug in een ander zwembad. Het een nog fraaier dan het andere. Vanzelfsprekend een hoop palmbomen en andere tropische decoratie en altijd cola en ijs in overvloed. Je hoeft hier maar met je vinger te knippen en de bediening komt aangerend. Dat zal thuis wel weer even wennen worden voor de dames en heren.

Voor deze eerste week hebben we gekozen om zoveel mogelijk in de buurt te blijven en door middel van bezoekjes aan Moshi, de markt, the International School, een watervalletje etc. zoveel mogelijk van de couleur local op te pikken.

Zelfs met een beetje tropenervaring valt op dat het overdag snoeiheet is. In de schaduw blijven is dan het devies. 's Nachts valt het allemaal wel mee. Het heeft zowaar een keer heel licht geregend, dat was wel plezierig vanwege al het stof. Alleen de echte hoofdwegen zijn geasfalteerd, de rest is onverhard en dus ongelooflijk stoffig.

Misschien wel leuk om nog te vertellen dat de meeste gesprekken over Afrika gaan en (dus) niet over Nederland. Helaas beste mensen, wie had verwacht dat Aline en Gaspard aan onze lippen hingen over credietkrisis of andere zogenaamde hollandse/westerse hot issues, komt bedrogen uit.

Wij daarentegen raken niet uitgefilosofeerd over de ontelbare paradoxen en echte tegenstellingen van dit continent, waarvan dit ook nog eens een van de meest vruchtbare regio's is. Confronterende cliche's: deze arme mensen zijn altijd voorkomend, en eigenlijk meestal ook vriendelijk en vrolijk. En: Oorzaak en gevolg van ontwikkelingshulp, laten we het zo maar samenvatten.

Nu we aldus de directe omgeving en het wereld verbeteren wel zo'n beetje hebben gehad zijn we klaar voor het echte werk: overmorgen vertrekken voor een vijfdaagse safari met drie Landrovers.

De Afrika-veteranen Chris en Marcel haken daarvoor met de kinderen vanavond aan bij de groep.

Om een lang verhaal kort te maken: een grandioze vakantie in een indrukwekkende, maar ook vertrouwde omgeving. Nederland is ver weg. Maar niet veel verder dan de stekkerdoos van de internetaansluiting. Je ontkomt niet aan dagdromerij, stiekem sommetjes maken over hoelang je hier zou kunnen wonen als je thuis de boel verkoopt. Bewondering voor Aline, Gaspard en de kinderen die ons de spiegel weer eens voorhouden. Nederland is maar een heel klein landje (en momenteel redelijk koud bovendien, als we het allemaal goed begrepen hebben). Wij blijven nog even plakken!



maandag 15 december 2008

Verkeer

In Tanzania hebben we ons al zo vaak verbaasd over het verkeer. Het is ongelofelijk wat je af en toe ziet. Er zijn nergens verkeerslichten. 's Avonds is het aardedonker, want er is geen straatverlichting. Veel auto's rijden met groot licht plus de meeste koplampen staan standaard verkeerd afgesteld, waardoor je als tegenligger een paar seconden niks ziet. Daarna ben je altijd weer blij dat je niet in de ditch (een soort geul voor waterafvoer langs de weg) bent gereden of een geit of een mens hebt geraakt. Ook komt het voor dat auto's helemaal zonder licht rijden. We proberen het 's avonds rijden dus maar zoveel mogelijk vermijden.

Kleine stadsbusjes, de zogenaamde Dala-Dala's, zitten vaak afgeladen vol, en de bijrijder hangt met zijn bovenlichaam uit het raam om de bestemmingen te schreeuwen naar wachtenden op straat. Ook in auto's met laadbak staan soms wel 20 mensen. 

De weg van Moshi naar Arusha is een soort Napoleonsbaan (tussen de A2 en Venlo) in het kwadraat, één en al gevaarlijke inhaalmanoevres, en daarbij ook nog 's kinderen en loslopende dieren langs de weg. Maar ja, als je een bus of vrachtwagen voor je hebt rijden waar pikzwarte rook uit de uitlaat komt, dan wil je daar toch wel effe voorbij.

De kwaliteit van de wegen is ook niet altijd om over naar huis te schrijven. Er zijn aardig wat geasfalteerde wegen, maar ook nog veel dirt-roads, ongeasfalteerde wegen vol kuilen en hobbels. Of wegen die ooit geasfalteerd zijn, maar nooit zijn onderhouden en nu ook vol gaten zitten.

Kinderen zitten meestal los in de auto of zonder helm op een brommer of motor. Ik moet toegeven dat we zelf ook wel wat gemakkelijker zijn geworden. We zijn streng met het gebruik van de veiligheidsriem, maar verder hebben we ons wel wat aangepast in de verkeerde richting. Isabelle heeft laatst van ons huis naar een restaurantje in de buurt gereden. Het is een automaat en het was over een paar kleine buurtweggetjes, maar toch, verantwoord is het niet. Maar wel leuk natuurlijk, vooral toen we zonder schade aankwamen en er geen slachtoffers waren gevallen.


Vorige week ben ik met Jan (duitse water-ingenieur) en zijn vrouw Gordana (mijn loopmaatje), hun zoontje Leon van 1½ en Anna naar één van zijn waterprojecten ten zuidoosten van Moshi gaan kijken. In afgelegen dorpen boren ze een diep gat in de grond, waar een kraan voor algemeen gebruik op wordt gemaakt. Nu gebruiken ze ook vaak water uit de grond, maar dat is niet al te schoon omdat het niet van diep genoeg komt. Om verantwoord gebruik van de nieuwe kraan te stimuleren worden er watercomité's opgericht bestaande uit dorpsbewoners en de mensen moeten ook een klein bedrag per emmer betalen. De waterprojecten worden grotendeels gefinancierd door Duitse banken, en er wordt nauw samengewerkt met de Tanzaniaanse overheid.

In het dorp waren we weer een bezienswaardigheid. De kinderen daar hadden waarschijnlijk nog nooit blanke kinderen gezien. Leon zat in een moderne kinderwagen, terwijl in Afrika moeders hun kinderen in een doek op de rug dragen. Dus toen we een stukje gingen wandelen, terwijl Jan de werkzaamheden controleerde, eindigden we met een soort processie van 30 kinderen. Nadat we weer terug waren bij de auto, bleven ze gewoon staan kijken. We hadden 2 ballen bij ons, dus toen zijn we maar met alle kinderen gaan voetballen en overgooien. Anna voelde zich totaal niet op haar gemak. Het is ook soms wel moeilijk om zo op te vallen, alleen maar omdat je blank bent. In zo'n dorp wonen de mensen in huisjes van leem en stro, zoals je ziet op plaatjes van Afrika. Zo wonen wij dus niet, hè. Wij zijn het verstandige biggetje en hebben een huisje van steen, met een normale toilet en douche. Want zulke vragen krijgen we wel 's, of we in een rieten hut wonen, op matjes slapen en in de vrije natuur moeten plassen.



woensdag 10 december 2008

Sinterklaas

Al met al hebben we het toch nog druk gehad met Sinterklaasactiviteiten. Eerst pakjesavond met een bevriend Nederlands gezin, René en Christine en hun 2 kinderen. Sanne en Sil zijn allebei nog "believers", net als Maria. Natuurlijk veel minder en kleinere kadootjes dan op pakjesavond in Geleen, maar de meiden waren overal blij mee. De volwassenen hadden surprises en een gedicht voor elkaar gemaakt. Ondanks dat we nu veel meer tijd hebben, begonnen we natuurlijk pas op de dag zelf en kregen het amper op tijd af. Omdat wij regelmatig problemen met de auto hebben, kregen we een auto van papier-maché met alles erop en eraan, met een gedicht over de talloze reparaties die Solomon voor ons regelt, waarna hij zich bezat met het wisselgeld. Wij hadden voor hun een reservehut van palmbladeren gemaakt, omdat ze nogal wat problemen hebben gehad met hun huis, met het warme water, de electriciteit en de internetverbinding. En hun containers uit Nederland deden er 7 maanden over, in plaats van 6 weken, en de helft van de spullen kwam beschimmeld aan. Ook genoeg ingrediënten dus voor een leuk gedicht.
De dag erna ben ik met de meiden naar Arusha gereden, voor de Sinterklaasmiddag met de Nederlandse gemeenschap van Moshi en Arusha, Moet je nagaan, rijd je bij wijze van spreken van Valkenburg naar Eindhoven, voor een Sinterklaasfeestje. Maar ja, het was onze enige kans op het zien van een echte Sinterklaas. Die zich wel had aangepast aan het klimaat, want hij liep op sandalen. Hij kwam aan in een Toyota Pick-up, met 2 geschminkte Nederlandse Zwarte Pieten, temperatuur ongeveer 25 graden. Wat zal de Maasai-portier hebben gedacht toen hij het tafereel aanschouwde? De kinderen hebben er in ieder geval wel van genoten.
Aan het eind van de middag waren we nog uitgenodigd voor de "Nicolausfeier" van de Duitsers. Daar kwam de Kerstman een klein kadootje brengen voor alle kinderen en de verlanglijstjes voor kerst in ontvangst nemen, met daarna kerstliedjes zingen en een barbeque. Ze houden erg van zingen, de Duitse Mutti's. Op 11 november "Sankt Martin" en nu weer over de "Leckerei in der Weinachtsbäckerei" en "Wenn die erste Kerze brennt". Het was moeilijk om niet te lachen. Maar ontzettend aardig dat we worden uitgenodigd, en om te zien hoe elders feesten gevierd worden.
Vanavond hebben we onze kerstboom uitgeklapt. Een boompje van een meter hoog, met sterren die steeds van kleur veranderen, ongelofelijke kitsch. Anna heeft zich al bezighouden met inrichten van de kerststal. Een barbie speelt voor Maria en de ganzen van het ganzenbordspel fungeren als staldieren. Hadden we maar wat meegenomen uit Nederland, maar daar denk je natuurlijk niet aan, midden in de zomer. 
 

maandag 1 december 2008

Tijd

Isabelle's feestje was een succes. We hebben alleen nog nooit zoveel tijd nodig gehad om een feest voor te bereiden. Gaspard had een zogenaamde Pinata (spreek uit: pinjata) gemaakt. Dat is een Zuidamerikaanse verjaardagsgewoonte die we hier hebben leren kennen. Het is een gevaarte, gemaakt van takken en papier-maché, gevuld met snoep. Die van Isabelle moest een lippenstift voorstellen, en dat is aardig gelukt. We waren namelijk bang dat het op een raket of fallus zou gaan lijken. De pinata wordt in een boom gehangen en dan slaan de kinderen, om de beurt en geblinddoekt, er met een tak op tot-ie stuk is en alle snoep op de grond valt. Uuuren werk, in 5 minuten aan flarden. Maar kinderen vinden het geweldig. 
Dan: het boodschappen doen. Veel dingen zijn wel verkrijgbaar bij de Highwaysupermarket, maar bijvoorbeeld literflessen frisdrank waren in heel Moshi niet te krijgen. Frisdrank in blikjes, uit Saoedi- Arabië, zijn niet te drinken, zo waterig en vreemd zoet. Dus je moet allemaal kleine flesjes kopen. Maar ze hebben een nogal vreemd statiegeldsysteem. Voor je een flesje koopt, moet je een lege inleveren. Dus je hebt veel lege flesjes nodig, wil je een goede voorraad aan kunnen leggen. Vervolgens wordt het 1 grote stress aan de kassa, want je hebt 4 lege flesjes Fanta ingeleverd en je wil er Cola Light voor terug, dat kan eigenlijk niet. Drie mannen in stofjassen gaan zich er mee bemoeien en voor je 't weet ben je een half uur verder. Ook voelt het tamelijk genant om zoveel boodschappen te doen. We jagen er naar Tanzaniaanse begrippen 4 gemiddelde maandsalarissen doorheen, alleen maar voor een feestje. Voor een fles wijn moeten sommige mensen 3 dagen werken. Gaspard had een wok gekocht bij de Highway, voor op de gasbrander. Die gasbrander hebben we na lang dubben toch maar aangeschaft, omdat we een electrisch fornuis hebben en de stroom zo vaak uitvalt. Het kostte trouwens de grootste moeite om aan een gasfles te komen, want we konden geen lege inleveren! Maar, de wok. Thuisgekomen bleek er een schroefje te ontbreken aan het handvat. Gaspard ging terug, geen probleem, de winkelbediende haalt een schroefje uit een andere wok. En zet vervolgens de wok zonder schroefje terug in de schappen, bovenop de anderen. Het is aan de ene kant lachwekkend, maar aan de andere kant tekenend voor de Afrikaanse mentaliteit "wie dan leeft, dan zorgt". Het heeft onmiskenbaar voordelen om zo te leven, maar er blijft ook wel veel liggen op deze manier. 
Ook de spiegellijsten voor het mozaïeken, sommige gewoon hartstikke scheef. Gaspard keurde er een paar af, en dat vindt de meubelmaker dan onbegrijpelijk. 5 keer terug om uiteindelijk de hele bestelling rond te krijgen. 
We kunnen ons wel voorstellen dat westerse mensen die hier langer wonen en moeten werken, soms gefrustreerd raken. Want voor ons maakt het nu niet zoveel uit, we hebben de tijd. Wat is dat trouwens moeilijk uit je systeem te krijgen, de begrippen "tijd" en "nut". Ik heb nog zo vaak, als ik wat lanterfant, of als ik ergens op moet wachten: "kan/moet ik nu niet iets anders doen? Nee, ik mag nu rustig een boekje lezen, ik kan naar de zoveelste schoolbijeenkomst gaan, ik mag een middagdutje doen, ik kan 4x per week hardlopen". Het is maar goed dat we wat van die vrijwillige klusjes hebben, anders zou ik waarschijnlijk in een crisis belanden.
We zijn hier nu 4 maanden. Hoewel veel nu wel gewoon wordt, blijft er nog genoeg over om te ontdekken. Wat betreft heimwee, sluit het ene gevoel het andere niet uit. Natuurlijk is er soms het verlangen naar Nederland, naar de mensen die ons na staan, naar de gemakkelijkheid en bekendheid van alles. Aan de andere kant maakt dat verlangen niet dat we nu terug zouden willen. Isabelle en Anna missen soms wel hun vriendinnen en het luxe-shoppen. Maria riep laatst vanuit het niets: "en vandaag wil ik terug naar Nederland!" Alledrie zijn ze echter vrolijk, hebben veel sociale contacten en beginnen thuis al engelse zinnen door het nederlands heen te gooien. Daarbij hebben ze het ook gewoon druk met school en de nevenactiviteiten. Ze waarderen meer het "kleine" en zien het grote contrast met Nederland. Nepmerken doen het hier heel goed, dat is zo lachen. Isabelle heeft Cucci-sandaaltjes, Anna Abibas-sportschoenen en Gaspard slippers van Tomny Hilficer. En dan het lettertype en de kleuren precies zoals bij het echte merk. Veel komt uit China en is van zeer matige kwaliteit. Gaspard's chinese fiets gaat om de haverklap kapot. Laatst heeft-ie 2 dagen zonder slot bij de schoolpoort gestaan en nog was hij niet gestolen. Iedereen weet blijkbaar dat het rotzooi is. Gaspard voelt zich trouwens prima. Hij heeft regelmatig contact met de praktijk en gelukkig loopt alles naar wens. 
In de kerstvakantie krijgen we bezoek uit Nederland (Marie José/Luuk en Chris/Marcel met hun gezinnen), allemaal 2 weken, met 1 week overlap. In de overlap-week gaan we met z'n allen op safari, zin in!  
Kortom, tot nu toe is het nog steeds zoals we gehoopt hadden dat het zou zijn. Ik kan het soms niet geloven.

zaterdag 22 november 2008

jarig

Deze week waren Isabelle en ik jarig, zij werd 12 en ik puntjepuntje. We zijn nog nooit in de zomer jarig geweest, en we hebben ook nog nooit een verjaardag gehad zonder visite! Gelukkig wel wat post, mailtjes, sms-jes en telefoontjes. Gistermiddag zijn we met z'n vijven gaan lunchen in de stad en Isabelle geeft volgende week een groot feest. Er komen 15 meisjes mozaïekspiegels maken. De lijstjes worden gemaakt door de meubelmaker en onder begeleiding van 2 creatieve vriendinnen van st. Mauritius worden ze die middag beplakt met stukgeslagen tegels en schelpjes. Aan het eind van de middag komen de ouders voor een drankje en een hapje.

Ik heb trouwens een bijzonder verjaardagskadootje gekregen. Gistermorgen, om een uur of 11 stond er een Tanzaniaanse vrouw met een flesje olie bij de poort. Ze bleek te zijn gestuurd door Terrie, de paardrij-juf en 1 van mijn hardloopmaatjes. Ze kwam mij een bodymassage geven! Ik stond wel even raar te kijken, maar heb me er maar aan overgegeven. Het was heerlijk, over originele kadootjes gesproken. Van Gaspard en de meiden heb ik douchegordijnen en een citruspers gekregen. Nu maar hopen dat onze sinaasappelboom ook werkelijk wat sinaasappels gaat produceren. Verder nog een dingetje in de vorm van een ei, die, als je op een knopje drukt, automatisch een tandenstoker naar boven schiet. Heb ik altijd al willen hebben!

Vrijdagmorgen was weer de zogenaamde Assembly op school. Deze week moest de klas van Maria wat presenteren voor de andere klassen en de ouders. Na de presentatie is er altijd de uitreiking van de Elephants en het zingen voor de jarigen van de week. Uit iedere klas van de basisschool worden 2 kinderen in het zonnetje gezet omdat ze die week iets bijzonders hebben gepresteerd. Deze week kreeg Maria een Elephant en applaus omdat ze goed woordjes geschreven had. Ze stond te stralen. Daarna de jarigen, en tot overmaat van ramp riep iemand dat ik ook jarig was die dag. Dus ik moest voor de groep, notabene in mijn hardloopkleren en onopgemaakt, samen met 2 kinderen en een jonge leerkracht en werd toegezongen door de hele gemeente. Ze eindigen altijd met “how old are you now?” en dan tellen. Dus ik zei dat ze maar bij 40 moesten beginnen, anders zou het te lang duren.

Onze broodbakactie op de kerstmarkt was een succes, ongeveer 150 euro verdiend voor het Scholarshipprogram. Voor hier is dat een aardig bedrag. Was wel een grappige ervaring, een kerstmarkt met 28 graden. Nou ja, de temperatuur op de kerstmarkten in de Regenboog en Valkenheim, mijn oude werkplekken, kon ook altijd wel flink oplopen, maar dan binnen. En wat gebeurt er na deze actie: we worden benaderd omdat we blijkbaar goed zijn in geld verdienen voor een goed doel. We zijn door de school gevraagd om zitting te nemen in de Parents Association, een soort oudervereniging/medezeggenschapsraad. Zij doen ook aan fondsenwerving. En de badmeester kwam naar Gaspard met de vraag of wij niet iets konden verzinnen met betrekking tot het betalen van het schoolgeld van zijn dochter. Het is neet te geleuve, zeggen we dan in Limburg.

We hoorden dat er in Nederland sneeuw wordt verwacht. Onvoorstelbaar, maar wel leuk als opmaat naar Sinterklaas en kerst. In onze tuin staan 2 groene bomen met rode bloemen, die altijd 1 maand voor kerst begint te bloeien. Zo helpt de natuur toch een beetje mee aan het krijgen van een kerstgevoel. Er zijn ook al wat Zwarte Pieten gesignaleerd. Ze hebben bij de meiden chocola in de schoen gedaan, en dat nog wel zonder schoorsteen.

vrijdag 14 november 2008

Vrijwilligerswerk

Langzamerhand stromen de vrijwilligersklussen binnen.

Vandaan staan we brood te bakken voor de Christmas Art Fair die dit weekend plaatsvindt bij iemand in de tuin. “Doneer 5000 shilling (ongeveer 3 euro) voor het ISM-scholarshipprogram en je krijgt gratis een home-made Christmasbread”.

Het ISM-scholarshipfund maakt het mogelijk dat getalenteerde Tanzaniaanse studenten, die dat zelf niet kunnen betalen, naar de Internationale School kunnen gaan. Vandaar uit hebben ze veel meer mogelijkheden om op een (evt. buitenlandse) universiteit toegelaten te worden. De hoop is dat deze hoog opgeleide mensen uiteindelijk een belangrijke rol gaan spelen in de Tanzaniaanse samenleving.

Twee weken geleden waren we op de jaarvergadering van de Stichting Nederlandse Taal en Cultuur-onderwijs van Arusha en Moshi. Deze stichting verzorgt het nederlandse onderwijs op school, en onze 3 meiden volgen dat om niet achter te raken. Het is een vrijwilligersbestuur met 2 betaalde leerkrachten. Ze zaten een beetje met hun handen in het haar, want de Onderwijsinspectie uit Nederland was geweest en had hen onder Verscherpt Toezicht gesteld, omdat een aantal zaken niet goed op papier staan. Nou, zei Gaspard, Aline heeft nogal wat ervaring met Inspectiebezoeken, en aangezien wij nu wat ruimer in de tijd zitten, zullen wij dat wel even oppakken. Het komt er inmiddels op neer dat ik een kwaliteitsbeleid-rapport aan het schrijven ben met allerlei verbeterplannen daar aan gekoppeld. Dacht ik door afscheid te nemen van Sevagram van de Inspectie verlost te zijn, maar nee hoor. Het grappige is dat ik het ergens ook wel weer leuk vindt. En Gaspard heeft mij teruggepakt voor het vrijwilligerswerk dat ik voor hém geregeld had, namelijk het zwemles geven aan de kleuters. Gaspard heeft trouwens zelf ook zwemles op school. Van Sabini, de badmeester, die laatst in een oranje t-shirt liep met Holland erop. Van de tweedehandsmarkt natuurlijk. Hij had geen idee waar het ligt. Laatst zag ik een Tanzaniaan op een fiets, met een fleece-vest aan, met op de rug de tekst: “Kan ik u helpen?”. Vast van een actie van C1000 of Jan Linders. Gaspard leert van Sabini borstcrawl, vlinderslag, en gaat nu bijna iedere ochtend zwemmen.

Het werk in het KCMC gaat wat traag. We, vooral Gaspard, hebben hard gewerkt aan een voorstel voor verbetering van het computernetwerk en de voorwaarden voor implementatie van een electronisch patiëntendossier. Het hoofd ICT is nog steeds enthousiast, maar van zijn kant komt er weinig. We hebben vernomen dat hij het nogal druk heeft met het importeren van Japanse auto's en huizenverhuur. Nu snappen we ook waarom zijn mobiele telefoon om de haverklap gaat, niet alleen om de computerproblemen van het KCMC op te lossen dus.

Nog een vrijwilligersklus: Gaspard gaat, op veler verzoek, een cursus Webdesign voor beginners geven op 5 zaterdagochtenden op school.

En als laatste hebben we ons, op verzoek van de school, ontfermd over een nieuw vriendinnetje van Anna. Tyra-Leigh is pas op school gekomen en zit intern omdat haar ouders aan de kust onder Dar es Salaam wonen. Ze heeft erge heimwee en vindt weinig aansluiting bij de andere meiden, die overwegend swahili spreken. Zelf is ze geboren in Zuid Afrika en spreekt engels. Dit weekend komt ze voor de eerste keer bij ons logeren. Het is een lieve meid, en het doet Anna ook goed, dus een zogenaamde win-win-situatie. Wauw, dat laatste woord kan ik misschien wel gebruiken in mijn Kwaliteitsplan.

Kortom, het is niet alléén maar feesten en relaxen hier.


donderdag 6 november 2008

Feesten

Het leuke van in zo'n internationale gemeenschap zitten is dat je kennis maakt met allerlei feesten. Gisteren hadden we de Britse Guy Fawkes bonfire and fireworksparty. Ergens in de 17e eeuw heeft ene Guy Faulkes geprobeerd de Houses of Parliament in Londen in de fik te steken, maar dat is mislukt. Nu wordt dit elk jaar gevierd met een grote brandstapel, waarop Guy zelf wordt neergelegd, als pop. In Moshi doen ze dat laatste maar niet, want het zou misschien als iets heksachtigs kunnen worden geïnterpreteerd. Er was dus een kampvuur, vuurwerk (het hele jaar te koop), eten en geen bier. Geen bier, en dat op een Brits feest? David en Elaine, de organisatoren van het feest, zijn pastors van de Anglicaanse kerk hier, en worden niet geacht alcoholische versnaperingen te verstrekken. Maar het stond ons vrij om zelf wat mee te nemen, en dat hebben we toen maar gedaan. Beetje stiekem, vanonder de tafel, maar het smaakt wel des te lekkerder.Vanavond hebben we Halloween op school. Kinderen mogen voor “ Trick or Treat” langs de deuren van de leraren die op de schoolcampus wonen, en daarna is er een bbq en kinderdisco. Eigenlijk worden we geacht verkleed te komen, maar ja, al onze verkleedkleren liggen op de Oosterweg. Daar denk je toch niet aan, als je een jaartje naar Afrika gaat.Morgenavond is er een Duitse Sint Maarten. Maria mag mee met een geleend lampionnetje, duitse liedjes zingen. De route is van tevoren al gepland, de mensen die bezocht worden zijn geïnstrueerd om wat lekkers in huis te halen, en de echt kleintjes gaan met de auto. Het zal Maria Wurst zijn, hoe het is georganiseerd, als er maar snoep in haar zakje komt.

En afgelopen weekend hadden we dus het Oktoberfest, net als in Valkenburg! We zijn 1 avond geweest, en het leuke was dat dit feest helemaal gemengd Tanzaniaans-Europees was. De organisatie was een combinatie, en daardoor ook het personeel, de optredens en de bezoekers. En dat is een verademing, in een wereld die toch nog vaak gescheiden is. Net als Duitsers zijn Tanzanianen gek op bier, dus dat verbroedert wel.

Officieel is de kleine regentijd begonnen, maar er is nog amper een druppel gevallen. Gisteren wel plotseling een harde storm en de lucht was bruin van het stof. Nu ligt dat stof overal in huis, doordat de ramen bijna allemaal open stonden. Het is iedere dag bijna 30 graden, en een verfrissend buitje zou geen kwaad kunnen. Al was het maar om de wegen wat minder stoffig te laten worden.

Maria's Engels gaat met sprongen vooruit. Zo leuk als je haar hoort kletsen met andere kinderen. Ze is helemaal niet bang om fouten te maken. Ook thuis gooit ze er af en toe wat doorheen. Isabelle zei “dank je” toen Maria haar iets gaf, en Maria antwoordde met “you're welcome!” In bed: “Anna, wil je niet het hele laken taken!” Vertaling van “wait for me”: wacht voor mij! Trouwens, Anna en Isabelle gaan ook heel goed. Isabelle had een prima score op een engelse toets, nog beter dan sommigen die engels als hun moedertaal hebben. En ik werd laatst hard uitgelachen door de dames toen ik per ongeluk “I didn't saw” zei in plaats van didn't see. Of die keer dat ik “I will bell you” zei, daar hebben ze het nog steeds over.



maandag 3 november 2008

zondag 2 november 2008

Anna's fieldtrip

Dit was echt zooooo cool!! Ik ging op fieldtrip met onze klas en de kids van Arusha.
We gingen op een soort van Safari en ik zag echt zoveel dieren; zoals giraffen, zebra's,buffels en apen. We hebben zelfs op een afstand van ong.15 meter van de buffels gelopen!
Er was een meneer en die vertelde alles wat je moest doen als ze op je af kwamen; luister maar:

  • Loop in groepjes van ongeveer 8 
  • Loop langzaam en omstebeurt
  • Als ze op je afkomen vorm dan een grote groep en blijf helemaal stil staan
  • Niet wapperen met dingen of schreeuwen; zo laat je ze schrikken

Dit zijn dingen die je moet doen als je bij Buffels LOOPT.
Dus, als je een keer op safari gaat, volg deze regels.

Aan het eind van de dag ging ik naar het huis van Georgina.
Dat was een meisje uit Arusha, waar ik kon slapen die nacht.Georgina had ook haar beste vriendin uitgenodigd en dat meisje heette Tara. Tara was ook heel aardig. Tara had ook een meisje uit mijn klas uitgenodigd en heette Abella. Dus we waren met z'n vieren in het huis van Georgina; Anna, Abella, Tara en Georgina. Het was echt heel leuk.

De volgende dag gingen we naar de international school van Arusha. Daar waren best wel veel kinderen verkleed voor Halloween. Vet lomp....

Door Anna

maandag 27 oktober 2008

Fundi

Iemand die ergens verstand van heeft of een bepaald ambacht beheerst, wordt hier een Fundi genoemd. Van automonteur tot loodgieter, van telefoonaansluiter tot gordijnenopmeter: vraag het de Fundi. Nu wil het geval dat deze kwalificatie geen enkele garantie biedt. Onze ervaringen met Fundi zijn inmiddels zodanig dat we ze er liever niet bij halen dan wel. Ze werken óf slordig, óf moeten 5x terugkomen om eerder gemaakte fouten te herstellen, of je ziet ze helemaal niet meer terug terwijl het nog niet af is. 
In onze slaapkamers zitten kastenwanden die heel saai grijs zijn geverfd. Dus die wilden we graag een vrolijker kleurtje geven. Ik vroeg Solomon of hij een schilder-fundi wist. Ja, riep hij enthousiast, ik! Dus wij naar de stad, jacarandapaarse en blauwe verf kopen, 6 liter verf op oliebasis, voor in totaal 16 euro. Even later kwam Solomon, in zijn schilderfundipak, en met een zelfgetimmerde trap, het huis binnen en ging aan de slag. We hadden er het volste vertrouwen in, tenslotte had hij ons tot nu toe niet teleurgesteld met zijn monteurs- en tuinactiviteiten. Twee uur later, toen we 's even gingen kijken, kwamen we erachter dat we net zo goed Maria's klas hadden kunnen vragen om de klus te klaren. Omdat de eerste laag niet dekte, had hij er meteen een tweede en een derde overheen gedaan, dus het was één en al plakkerigheid met zakkers. De geur was niet te harden, hij had inmiddels driekwart liter thinner verwerkt. Daarbij vlekken op de muren en op de handgrepen, blauw op paars en vice versa, overal plakkende losse kwastharen, kortom we riepen oh en ah, maar niet van bewondering. We hebben hem helaas van de klus af moeten halen. Vervolgens hebben we nog geprobeerd te redden wat er te redden viel, maar echt mooi zal het wel niet meer worden, en dat net op Isabelle's kamer. 's Middags stond hij beteuterd de moestuin water te geven, en Gaspard vroeg hem: “goh Solomon, zeg 'ns eerlijk, hoe vaak heb je een deur of kast geverfd?” Zijn antwoord: “eigenlijk was dit was de eerste keer”. 
Inmiddels ben ik dus maar zelf aan het schilderen geslagen, gezien ons geringe vertrouwen in fundi. En erger ik me aan de slechte kwaliteit van de verf, slechte dekking, en aan de waardeloze kwasten die continu haren verliezen. Een lakroller is hier niet te krijgen. Hopelijk gaat mijn hersenfunctie niet teveel achteruit door die verf op oliebasis. In Nederland mag het door schilders al niet meer worden gebruikt.
Voor wie mocht denken dat we alleen maar vakantie vieren, leuke wandelingetjes maken en       cocoonen: ondertussen zijn we bezig met het schrijven van een automatiseringsplan voor het KCMC. We krijgen steeds meer verhalen te horen over de slechte medische en verpleegkundige zorg daar. De patiënt heeft vrijwel geen rechten en eigenlijk zouden er dus veel basaler verbeteringen moeten worden aangebracht.  Vaak komen ze van ver en in een veel te laat stadium. We begrijpen nu wel waarom er allemaal winkeltjes met doodskisten en rouwkransen langs de weg naar het KCMC te vinden zijn. 
Zondag hebben we een leuk dagje gehad: met de Amerikaanse paardenjuf van de meiden, en een Italiaans en een Duits gezin naar een Polotoernooi geweest vlak bij Arusha. Teams van 4 spelers op een paard moeten met een soort hockeystick de bal in het doel krijgen. Een wat elitair gebeuren, maar wel grappig om 's mee te maken. 

maandag 20 oktober 2008

Autoblues

Afgelopen weekend was er weer een HASH, in Marangu, aan de voet van de Kilimanjaro. In de uitnodiging stond dat je er alleen kon komen met een 4WD, en dat klopte. Smalle weggetjes, steil omhoog en dan weer naar beneden, vol met stenen en kuilen. We hebben een prachtige wandeling gemaakt, door plantages, regenwoud, over riviertjes en langs watervallen, en over afro-limburgse heuvels. Langs de wandelroute weer veel dorpsbewoners, die het gezellig vinden om mee te lopen of de weg te wijzen. Maria werd gewoon opgetild door een vrouw en naar de andere kant van de rivier gebracht. Ze zag natuurlijk dat wij het al moeilijk genoeg hadden met onszelf. Na een wandeling van 2 uur, die door de meiden zonder wanklank werd volbracht (uniek!), kwamen we aan bij the Farmhouse van Simon en Tara. Het vakantiehuis ligt in het geboortegehucht van Simon en heeft een aantal gastenkamers die gebruikt worden voor mensen die de Kilimanjaro gaan beklimmen. Tara is een Amerikaanse die als onderzoeker in het KCMC werkt. Simon is een geval apart, hij heeft het al 2x gepresteerd om binnen 9 uur de Kilimanjaro op en af te rennen. 5895 meter hoog, toeristen doen het in 7 of 8 dagen....
We hadden 2 kamers geboekt, zodat we niet 's avonds door het halfduister die ellendige weg terug hoefden te rijden. Nee, dat deden we de volgende morgen: na 500 meter raakte Gaspard (gelukkig niet ik) met de onderkant van de auto een steen en een enorm geratel was het gevolg. We konden echt niet verder rijden. Binnen de kortste keren stonden er 5 mannen en 20 kinderen rond de auto. Gelukkig had er 1 wat gereedschap en na 2 uur oponthoud in de zon konden we verder rijden. Maar dat kwam vooral omdat Gaspard toen bedacht dat door de auto even in de achteruit te zetten, hij de boel kon deblokkeren. Tijdens het wachten zat Isabelle de hele tijd op een steen met een gezicht zoals je dat ziet bij pubers in het programma “Groeten uit de Rimboe”, Anna vroeg om de paar minuten om wat lekkers en hoe lang het nog zou duren en Maria ging spelen met een dorpsjongetje. En ik probeerde de moed erin te houden. De as van de 4WD is in ieder geval gebroken en nu staat-ie weer in een garage. Ons autootje ligt toch wat te laag voor dit soort wegen. 
Gisteravond kregen we Nieuwe Vrienden (oké, Kennissen) te eten. Gaspard ging Thais koken, dat was wel even wennen, hij had al zeker 3 maanden niet meer voor een grotere groep gekookt. En we zijn hier natuurlijk iets minder goed geëquipeerd dan in Nederland. Hoewel de eerlijkheid ons gebiedt te zeggen dat er toch alweer wat apparaatjes het huis binnen zijn gekomen. Gaspard moet zijn gebruiksaanwijzingenverslaving natuurlijk wel een beetje onderhouden. Ik heb trouwens geen enkel recht van spreken, want ik koop kussenhoesjes, lampjes en leuke dingetjes voor aan de muur. Het is allemaal niet zo duur en dan is het soms moeilijk om de verleiding te weerstaan. Ons eerste idee van alles zeer Basic, tja, daar houden we ons dus niet echt aan. 
Maar: als we er weer vanaf moeten, zetten we alles gewoon op de door Gaspard geopende Tanzaniaanse Marktplaats!

vrijdag 17 oktober 2008

Slaperig

Sinds we hier zijn, hebben we meer behoefte aan slaap. Thuis gingen we meestal niet voor 12 uur, hier gaan we echt vroeger. Aan de ene kant kan het te maken hebben met de rust die we ervaren. De avonden zijn niet meer volgepropt met administratieve zaken die nog na werktijd moeten gebeuren en we hebben minder afspraken. Aan de andere kant lijkt het of er in Afrika iets slaapverwekkends in de lucht zit. Net als in Geleen, bij m'n schoonouders, als de oude Lindenboom bloeit. Daar word je ook zo rustig van.
Slapen in het openbaar is hier geen taboe. Ik schreef al een keer over de medewerkster van het internetcafé, die onder werktijd op een salontafeltje lag te slapen. We doen onze boodschappen vaak bij de Highway Supermarket, en dan moeten we de cassiere wakker maken om af te kunnen rekenen. Meestal reageert ze een beetje verstoord en begint dodelijk verveeld de boodschappen te verschuiven. Maar in plaats van me te ergeren, word ik er zelf ook sloom van en verlaat compleet tevreden de winkel. Op de markt met tweedehandsspullen liggen de marktvrouwen 's middags tussen de kleren te slapen. Laatst dacht ik dat een stalletje onbemand was, kwam er een slaperige vrouw onder de kraam vandaan. Langs de kant van de weg zie je vaak duttende mensen onder een boom zitten. Als de medewerkers van de kapsalon niets te doen hebben, nestelen ze zich in een stoel en gaan naar Dromenland in plaats van dat ze 's lekker de boel gaan opruimen. Van de buitenlanders die hier wonen, hoor ik ook vaker dat ze veel vroeger instorten dan in hun eigen land. Natuurlijk heeft het ook met de warmte te maken. Als het in sommige periodes van het jaar rond de 20 graden is (freezing cold, noemen ze dat dan), is er meer aktiviteit.
Afgelopen woensdag zijn de meiden weer met school begonnen. Ze hadden er zin in, een goed teken. Gisteren ging Maria bij een vriendinnetje spelen. Ze kreeg een eigengebakken koekje waar pinda's in bleken te zitten. Maria merkt het altijd meteen, haar tong begint te prikken door de allergie, en ze spuugde het uit. Moeder in de stress natuurlijk, ze riep: "O, Maria, is there anything I can do about this?!" Maria antwoordde: " Yes, an icecream."
Een vrouw uit de buurt vroeg me of ik voor de Kerstmarkt in november christmascrackers wilde maken. Ik zei: "I don't think so, I'm not really into baking". Blijken het verpakkingen voor kerstkadootjes te zijn, die een knalletje geven als je ze openmaakt. En moet ik me nu al gaan bezighouden met kerst? Wij hebben eerst nog Sinterklaas.

zondag 12 oktober 2008

Libe

Solomon en Violet komen oorspronkelijk uit Bukoba, een stad aan de andere kant van het Victoriameer, bijna 3 dagen reizen met de bus. Ze zijn van de stam “Haya” en ze hebben een eigen taal. Hier in het Kilimanjaro-gebied wonen vooral “Chagga”. Bij de patiëntenregistratie in het KCMC wordt geregistreerd van welke stam iemand afkomstig is. Het is  dus echt iets wat telt. Toen we net in ons huis gingen wonen zei de verhuurder dat we Solomon en Violet beter meteen konden ontslaan, want ze zijn geen Chagga. Nou, dat konden we natuurlijk niet over ons hart verkrijgen en daarbij mochten we ze ook eigenlijk meteen. Zie je het tafereel al voor je: echtpaar met kind moet huisje verlaten, geen inkomen, waar moeten ze naar toe.
Het grappige was dat toen S en V voor ons gingen werken, ze zelf ook meteen iemand in dienst namen voor hun eigen huishoudelijk werk en om op Linda te passen. Maar dat vonden ze toch een beetje teveel kosten en toevallig hoorden ze van hun familie dat in Bukoba een meisje van 11 een baantje zocht, tegen kost en inwoning. De familie kon de kosten voor haar onderhoud niet meer opbrengen.
Drie weken geleden kwam ze aan in Moshi. Libe heet ze, vader onbekend en moeder overleden. Ze blijkt pas 9 te zijn en is nog nooit naar school geweest. Libe spreekt geen Swahili, alleen Haya. Toen ik haar de eerste keer zag, was ik meteen helemaal verkocht, zo'n klein, bescheiden meisje. Ze kwam naar me toe, legde bij wijze van begroeting haar handen onder mijn kin (polsen bij elkaar, vingers naar de zijkanten) en zei Shikamoo, de respectvolle groet voor een ouder iemand. Ontroerend was het. S en V hebben er dus eigenlijk een dochter bij, en niet de huishoudelijke hulp die ze verwachtten. Onze meiden hebben meteen een nieuw speelkameraadje, en het grappige is dat ze haar nu een beetje Swahili leren. S en V zijn er in feite “ingeluisd”, en hebben nu een extra mond om te voeden. Hoewel ze haar wel laten helpen in het huishouden. Eigenlijk vinden wij dat ze naar school moet, maar ja waar bemoeien we ons mee. Het is wel heftig om zo geconfronteerd te worden met de wezenproblematiek in Tanzania. Zoals Libe zijn er  nog zoveel andere kinderen, meestal wees ten gevolge van AIDS. Rondom Moshi is de opvang in weeshuizen goed georganiseerd, er zijn vrijwel geen straatkinderen. Daarnaast vangen families zelf veel op. Het begrip “neefjes en nichtjes” bestaat hier niet. De kinderen van de broers en zussen van de ouders, worden ook broertjes (kaka) en zusjes (dada) genoemd. In het kader van “het hemd is nader dan de rok”, heeft dit een goede invloed op het verantwoordelijkheidsgevoel voor alle familieleden. Maar als de familie, zoals bij Libe, te arm is, dan wordt geprobeerd het op te lossen binnen stamverband. In een stad echter is het stamverband losser, en moeten sommige kinderen toch geplaatst worden in weeshuizen. S en V zijn gelukkig lief voor Libe, dus ergens heeft ze nog geluk dat ze hier terecht is gekomen. En hopelijk laten ze haar uiteindelijk ook naar school gaan.
De organisaties die zich bezighouden met wees- en straatkinderen zijn zogenaamde non-governmental organisations, die afhankelijk zijn van donaties en vrijwilligerswerk. Twee voorbeelden van dit soort organisaties in deze regio zijn Amani Children's Home en Mkombozi Centre for Street Children. 
Nou, dit was het serieuze gedeelte. Met de bevoorrechte Valkenburgers hier ter plaatse gaat het nog steeds goed. De kinderen hebben nog 2 dagen herfstvakantie en dan er tegenaan tot de kerstvakantie. We hebben nog een paar gezellige uitstapjes gemaakt en verder wat gerommeld in en om het huis. Gaspard heeft vandaag een Marktplaats-achtige website voor deze regio gemaakt. Er zijn mensen die van alles willen kopen en verkopen, maar dat gaat óf met briefjes op prikborden of via mailtjes. Niet zo heel efficiënt dus. We zijn nog aan het nadenken over een naam. 
Gaspard kan de laatste tijd weer heel vaak “ja, dit is Afrika!” roepen, want om de haverklap valt de stroom uit en vanavond hadden we plotseling geen water meer. Zucht......

dinsdag 7 oktober 2008

Banda

De afgelopen dagen hebben we genoten van zand en strand van de Indische Oceaan. Zelfs ik vond het nu lekker om te gaan zwemmen, het was qua temperatuur net badwater. Het vakantiepark waar we zaten, de Capricorn Beach Cottages, bleek te bestaan uit 3 banda's, waarvan 1 voor mij en Gaspard en 1 voor de meiden. Een banda is een hut met ramen zonder glas met horren, een heerlijk bed met klamboe, badkamer en keukentje, vlakbij het strand. En voor de banda een veranda. 's Morgens werd het ontbijt gebracht in een mandje. Kortom, een droomlocatie. Het was vrij warm, een vochtiger hitte dan hier in Moshi, maar wel met een zeewind. En af en toe een tropische regenbui, van het Nederlandse type.
Naast ons in een ander parkje, zaten mensen die we van school kennen. Maria heeft engelse bijles en zwemles met de 5-jarige Matthias en ze zitten bij elkaar in de klas. Geraldine en Benoit Pitot, de ouders, komen van St. Mauritius en zijn voor 6 jaar gestationeerd op TPC, de suikerplantage. Ze zijn ook pas hier. Behalve Matthias hebben ze nog 2 zonen, Amory van 16 en Remy van 13, keurige jongens. We hebben veel met elkaar opgetrokken, onder andere een uitstapje naar Pangani, met z'n allen in hun Landcruiser. Afgelopen zondag hebben we een boot gehuurd, en zijn gaan snorkelen en picknicken op `Sand-island`, een zandbank. Erg leuk, behalve dat Gaspard een geleende snorkel is verloren in de zee, en dat we, ondanks flink smeren, toch allemaal wel ergens op het lichaam verbrand zijn. De Pitootjes zijn franstalig, dus de communicatie met hun gebroken engels en ons matige frans was af en toe niet om aan te horen. Maar goed, een fles wijn overwint al snel een taalbarrière.
De rit naar de kust duurde zo'n 6 uur. Het grootste deel over geasfalteerde wegen, 2-baans, en vlakbij de kust over onverharde, rode weggetjes. Op zich is het niet druk op de weg, maar wat het zo eng maakt is dat er overal mensen langs de weg lopen. De snelheid is toch zo'n 80-100 km/uur. En dan nog word je ingehaald door een felgekleurde touringcar, waarbij op de voorkant staat `in God we trust`. Nou, dan doen we dan maar.
Langs de weg zijn dorpjes met hutten van leem, takken en rieten of golfplaten daken. Nergens heb je een stadje of dorp dat echt het bekijken waard is. Zelf Pangani, een leuk havenplaatsje zou je denken, is niks bijzonders, alles is even armoedig. Alleen de sporadische beachresorts zijn mooi, verder is het toerisme niet ontwikkeld. Wat natuurlijk ook wel voordelen heeft, nergens lelijke hoogbouw of schreeuwerige uitgaansgelegenheden. Maar ook geen lekker terrasje, ijssalonnetje of winkeltje.
Gisteravond om 6 uur reden we Moshi weer in. Ik had even een negatief gevoel, bweh, ik ga nu naar huis, maar is dat Thuis? Al die negers, de armoede, de rommeligheid. We reden langs onze brievenbus in de stad en daar lagen een brief voor Anna, de Opzij en de NRC-weekeditie met nieuws van een week geleden. Thuis stond Linda te juichen van plezier en Violet en Solomon leken ook wel oprecht blij om ons weer te zien. Gaspard had al snel een lekker pastaatje op tafel en zo kwam het thuisgevoel gelukkig weer terug. Het waren heerlijke dagen en het was interessant om een heel ander deel van Tanzania te ontdekken.


dinsdag 30 september 2008

Adembenemend

Onder beide grote tenen een bloedblaar en flinke spierpijn in mijn benen, maar ik heb het gehaald: de top van Mount Meru op 4562 meter hoogte. De berg ligt in het National Park van Arusha en bij binnenkomst zie je meteen zebra's, giraffen, bavianen en buffalo's. Ik zat opgepropt in een auto vol rugzakken, kookspullen, Saudy de kok, Selemeni de hulpkok, Andi en Alex. Andi is een 30-jarige duitse student die hier een half jaar stage heeft gelopen in een irrigatieproject. Een blij, sociaal en beetje onhandig figuur die ik via-via heb kennengeleerd. Hij deelt een flat met Alex, een 37-jarige vent van het stoerdere type, met een tanzaniaanse vader en een duitse moeder die hier sinds 4 jaar een reisbureautje heeft. Hij verkoopt onder andere Mount Meru-trips, maar was er zelf nog nooit op geweest. Het handige was dat hij alles goed kon regelen tegen kostprijs. We kregen ook nog 2 dragers mee, 1 voor de keukenspullen en 1 voor mijn rugzak en daarnaast Michael de Ranger. De ranger sprak vloeiend engels, en ook nog een paar woorden in andere talen, onder andere nederlands. Duidelijk zo iemand die gewend is toeristen te charmeren. Ik vond hem eerlijk gezegd een beetje glad en langdradig. Maar goed, hij heeft mij wel op weg naar de top over enkele moeilijke stukken heen geholpen.
De eerste dag naar de Miriakambahut, een tocht van ongeveer 4 uur met schitterende vergezichten. In de hutten sliepen we in kamertjes van nog geen 3x3 meter, met 2 stapelbedden. De eerste nacht was een ramp, niet alleen de geur van opdrogende bergschoenen, vochtige matrassen en germaanse winden, maar Andi in het bed boven mij was ook nog 's snipverkouden. Snif, snuit, omdraai, hoest, slok water en dit maal honderdvijftig. De tweede dag in 4 uur naar de Saddlehut en s'middags nog een korte wandeling naar de top van Little Meru, een soort pukkel op de grote Meru. Het traject naar de Saddlehut was prachtig, door tropisch bos. Iedereen die wel eens in de Droomvlucht heeft gezeten in de Efteling weet waar ik het over heb. Grillig gevormde bomen met over de takken gedrapeerd mos, vogelgeluiden, flarden mist, alleen de trollen en elfjes ontbraken.
Die nacht moesten we om 1 uur opstaan voor de weg naar de top. In de kou, in het donker met de hoofdlamp op, sommige stukken over los lavazand, andere over losliggend gesteente en iets te vaak over rotsen. Ik liep af en toe echt te worstelen en dan voel je je wel een erg stijve hark als je ziet dat op dezelfde trajecten de ranger met zijn handen in zijn zakken loopt en de drager met zijn armen over elkaar. De laatste paar honderd meter was echt klimmen met handen en voeten, maar net na zonsopkomst bereikten we de top. Andi had een beetje last van de hoogte, maar daar had ik gelukkig geen probleem mee. Het was een geweldige ervaring om onder de Tanzaniaanse vlag te staan met een adembenemend mooi uitzicht. Maar ja, toen weer naar beneden.....Om 11 uur zaten we aan het ontbijt in de Saddlehut, daarna 2 uurtjes gerust, en toen verder afgedaald naar de Miriakambahut. Die dag ongeveer 12 uur gelopen, eerst 1000 meter gestegen, toen 2000 gedaald, ongeveer 19 kilometer, dus je kunt je voorstellen dat we om 20.00 heel blij waren met ons meurende slaapkamertje. Die nacht als een blok geslapen.
Gisteren hebben we de laatste afdaling gemaakt en toen terug naar huis. De geurbeschrijving van de auto zal ik achterwege laten, maar als ik vertel dat er nergens douches waren en in de Saddlehut zelfs helemaal geen stromend water, en dat de kok en hulpkok nog aan het vasten waren in verband met de ramadan, dan kunnen we wederom spreken van een adembenemende ervaring.
Met Gaspard en de kinderen was alles prima gegaan. Anna is derde van de 4 geworden op de sportdag. Vanaf donderdag hebben de meiden 2 weken vrij en gaan we een paar dagen richting de kust, naar de Capricorn Beachcottages, vlak boven Pangani. Isabelle heeft haar rapport gekregen, met allemaal prima cijfers. Echt heel knap, veel nieuwe leerstof en dan ook nog 's alles in het engels. Voor de meiden een welverdiende vakantie, en voor ons, tja....nog niet echt verdiend. Maar wel lekker!